Pvda stelt vragen over terugtrekkende politie

Door Ron de Kort op 26 november 2018

Naar aanleiding van het persbericht over de wijziging van de dienstverlening politie Hulst en Oostburg, en dit in relatie tot het eerder gepresenteerde regionale beleidsplan politie het volgende:
We zijn blij met het meer in de wijk aanwezig zijn van agenten. Toch vragen wij graag aandacht voor onderstaande:
In het regionale beleidsplan worden ambities en voornemens genoemd, echter de politie is na de eerdere reorganisatie verder verwijderd van de burger als ooit. De informatiepositie van de politie is daardoor veel minder geworden. Er is minder contact met de burger.
Voor onze inwoners holt ook de dienstbaarheid van de politie achteruit en dat moet gekeerd
worden. Je mag niet terugkijken maar voorheen waren politieagenten die in Hulst en Hontenisse dienstdeden allemaal wijkagent. Dat was indertijd een ploeg van bijna 40 fte., enkel en alleen voor Hulst – Hontenisse. Zij waren over het algemeen betrokken bij hun werkgebied want ze woonden er, kenden hun buurt of dorp, hadden een vrouw die werkte, kinderen op school of sportclub, ze zaten zelf op een sportclub, hobbyclub etc.
En dat netwerk moet nu allemaal opgevangen worden door enkele agenten. Er worden nu medewerkers van andere basisteams uit Zeeland soms uit Brabant ingezet om de diensten rond te krijgen. Er worden veel cijfers gepresenteerd en het ene item is nog belangrijker dan het andere (drugsafval, ondermijning, motorclubs etc. etc.) maar we vergeten dat inwoners van Hulst ook recht hebben op adequaat toezicht en dat we ons veilig moeten voelen in onze gemeente.
“Zichtbaar, aanspreekbaar en dienstbaar” dat moet het credo zijn en daar moet ook daadwerkelijk invulling aan gegeven worden.
Het is voor de PvdA niet helemaal duidelijk hoe de huidige politieorganisatie, het huidige beleid en de nieuwe dienstverlening dat voor elkaar willen krijgen.
Het politiebureau te Hulst blijft weliswaar behouden maar dan enkel en alleen als locatie van waaruit de in Hulst dienstdoende politieagenten hun dienst aanvangen en beëindigen, een soort uitvalsbasis (ze noemen het iets anders maar hier komt het wel op neer). Inwoners kunnen enkel op afspraak en bij uitzondering naar het bureau komen, er is dus geen openstelling meer voor publiek dat even binnen wil lopen met een al dan niet urgent probleem of even iets wil melden.
De sterkte voor het basisteam Zeeuws-Vlaanderen is 140 medewerkers volgens het beleidsplan politie, maar wat is er effectief beschikbaar. Die cijfers zijn bekend maar zien we niet terug in het eerder besproken beleidsplan. Voor het maken van een goede afweging moeten we ons afvragen hoe de bezetting bij andere basisteams momenteel is. Voor zover ons bekend en op grond van informatie van belanghebbenden, is in het basisteam Zeeuws-Vlaanderen ongeveer 90 – 100 fte.
beschikbaar op dit moment om alle diensten te draaien, vandaar dat de wijkagenten nauwelijks aan hun taak toekomen.

Concrete vragen:
– Hoe kijkt het college aan tegen bovenstaande?
– Hoe verloopt de informatievoorziening, beschikbaarheid en bereikbaarheid? Kan het college daar informatie over geven?
– Hoe wordt de informatie door politie, beschikbaarheid en bereikbaarheid door de burger ervaren? Is dat bekend?
– Kan het college hier stukken, bevindingen over aanleveren? Indien niet bekend is het college bereid dit te onderzoeken?
– Wat is er effectief voor Zeeuws-Vlaanderen beschikbaar aan fte. en meer specifiek voor Hulst?
– Hoeveel meer zijn agenten door de nieuwe dienstverlening voor de burger in de wijk beschikbaar?
– Hoe wordt de burger verder geïnformeerd en geïnstrueerd over de nieuwe dienstverlening?

Namens de fractie PvdA
Bennie Saman

====================================================================

Het antwoord van het college:

Geachte heer Saman,

Op 23 oktober jl. heeft u namens de fractie van de PvdA, verwijzend naar art. 32 van het Reglement van orde, schriftelijke vragen gesteld aan het College van burgemeester&wethouders over, specifiek, de dienstverlening politie Hulst en Oostburg in relatie tot het eerder gepresenteerde regionale beleidsplan politie.

U stelt dat de politie na eerdere reorganisaties verder verwijderd is van de burger dan ooit. Hierdoor is de informatiepositie van de politie minder, is er minder contact met de burger en holt de dienstbaarheid van de politie achteruit. Verder stelt u dat agenten vroeger over het algemeen meer betrokken waren bij hun werkgebied omdat deze agenten ook in het gebied woonden (ze waren eigenlijk allemaal wijkagent).

Van de politie wordt steeds meer gevraagd. Ook vraagt de PvdA zich af hoe de politieorganisatie het nieuwe beleid en de nieuwe dienstverlening gaat organiseren als het politiebureau in Hulst geen openstelling voor het publiek meer heeft en een soort uitvalsbasis wordt.

Verder vraagt u zich af wat er effectief aan politie medewerkers beschikbaar is in het basisteam Zeeuws-Vlaanderen. U stelt, onder andere, dat er minder medewerkers beschikbaar zijn om alle diensten te draaien en dat de wijkagenten, mede daardoor, nauwelijks aan hun taak toekomen.

Algemeen

De minister van Justitie en Veiligheid bepaalt hoe de politiesterkte verdeeld wordt over de regio’s. Het zijn vervolgens de burgemeesters die volgens de Politiewet 2012 samen

met het Openbaar Ministerie bepalen hoe de sterkte binnen de regio (voor ons is dit de regio Zeeland West-Brabant)  wordt verdeeld en hoe de politie wordt ingezet. Om deze rol te kunnen spelen is betrokkenheid van de regioburgemeesters (voor onze regio is dit de burgemeester van Tilburg) namens het gezag op de openbare orde op landelijk niveau belangrijk. Dit geldt bij zaken die zowel de kwaliteit als kwantiteit van het personeel beïnvloeden. De verdeling van de beschikbare regionale politiesterkte is, conform de Politiewet 2012 (art. 39.1), opgenomen in de regionale meerjaren beleidsplannen.

Voor het aantreden van het huidige kabinet telde de nationale politie 49.500 operationele fte’n.

Het kabinet heeft bij zijn aantreden kenbaar gemaakt om € 291 mln. structureel te gaan investeren in de politie voor onder andere agenten in de wijk, innovatie, recherche en werkgeverschap. Dit betekent, onder andere, dat de politie structureel wordt uitgebreid met 1.111 fte (waarvan 769 voor de wijk) volledig opgeleide operationele medewerkers.

De niet-operationele sterkte is in de inrichting vastgesteld op 8.515 fte. Deze sterkte is in 2017 bereikt en blijft in ieder geval tot 2020 op dit peil.

(overigens hebben de regioburgemeesters samen met het Openbaar Ministerie in aanloop naar de kabinetsformatie gepleit voor een uitbreiding van de politiesterkte met 4.500 fte).

Op 14 juni jl. heeft de regioburgemeester het ontwerp van het Regionaal Beleidskader met daarbij een overzicht van de sterkteverdeling naar alle gezagen in de eenheid gestuurd. De raden van de gemeenten in de eenheid hebben dit beleidsplan inmiddels besproken. In het overzicht van de sterkteverdeling was de uitbreiding van de politiesterkte als gevolg van de extra middelen die in het kabinet in het regeerakkoord hiervoor heeft uitgetrokken nog niet opgenomen.

Verdeling politiesterkte n.a.v. het regeerakkoord

Op 16 juli jl. heeft de regioburgemeester aan de verbrede driehoek Zeeland West-Brabant aangegeven dat onze eenheid een uitbreiding van 134 fte volledig opgeleide operationele medewerkers krijgt. Hiervan zijn 15 fte bestemd voor ondermijnende en zware criminaliteit en digitale expertise. De overige 119 zijn voor de wijk. District Zeeland krijgt naar rato 30,3 fte (10 voor het Basisteam Zeeuws-Vlaanderen)

In het basisteam Zeeuws-Vlaanderen is beoordeeld, vanuit de eigen context, waar deze versterking nodig wordt geacht. De behoefte van de basisteams zit in het uitbreiden van het aantal wijkagenten, het ondersteunen van de reeds bestaande wijkagenten en het versterken van de teamopsporing.

Voor het basisteam Zeeuws-Vlaanderen volgt hier de voorgestelde verdeling (overigens nagenoeg gelijk aan de andere 2 basisteams in het district Zeeland).

  • 3 Geografische wijkagenten: 1 wijkagent toevoegen aan Terneuzen, Sluis en Hulst.
  • 1 Senior Tactische Opsporing: met het oog op veranderende veiligheidsthema’s om vanuit teamopsporing de verbinding met de districtsrecherche te onderhouden.
  • 2 Senior GGP (Gebieds Gebonden Politiezorg): hier wordt binnen het basisteam de vergrijzing het zwaarst gevoeld.
  • 4 generalisten GGP: gezien de geografie van dit gebied is de ondersteuning van het wijkwerk en de borging van de primaire politietaak, waaronder de aanrijtijden, een continue uitdaging.

Opgemerkt wordt dat feitelijke invulling afhankelijk is van de werving, selectie en opleiding van de betreffende functionarissen.

In augustus jl. heeft de voorzitter van het districtscollege Zeeland, dhr. Bergmann, de regioburgemeester een reactie gezonden. Aangegeven is dat de burgemeesters akkoord gaan met de voorgestelde verdeling, zijnde een eerste concept op hooflijnen. Nadrukkelijk wordt vanuit Zeeland hierbij aangegeven dat een en ander onvoldoende is om aan de huidige vraag naar politiecapaciteit in Zeeland te voldoen. Daarnaast baart de problematiek rond werving, selectie en opleiding ten behoeve van Zeeland afgezet tegen vergrijzing in het district grote zorgen. Dit omdat aan de huidige voorgestane uitbreiding van politiecapaciteit pas op (onbepaalde) termijn gestalte kan worden gegeven. Verder wordt wederom een discrepantie geconstateerd en geconcludeerd aangaande de verdeling van capaciteit over de verschillende haventeams. North Sea Port hoort bij de tien grootste havens van Europa en verdient een adequate politiecapaciteit die dat eer aan doet.

Zoals u wellicht weet is zeer recent een meerderheid van het personeel werkzaam bij de politie akkoord gegaan met de voorstellen van de minister en de politie bonden in het kader van de nieuwe cao voor het politiepersoneel. Er zijn, onder andere, afspraken gemaakt over extra agenten om de capaciteitsproblemen op te lossen en de werkdruk te verlagen.

Onderstaand hebben wij uw vragen en onze reactie hierop, weergegeven.

1)    Hoe kijkt het college aan tegen bovenstaande?
Antwoord:
Het college staat achter de hierboven weergegeven reactie van de voorzitter van het district Zeeland, dhr. Bergmann, aan de regioburgemeester aangaande de verdeling van de politiesterkte n.a.v. het regeerakkoord.
Verder refereren wij aan onze brief van 16 augustus (VB/18.3897; reactie regionaal beleidsplan) waarin wordt gevraagd om extra wijkagenten.

2)    Hoe verloopt de informatievoorziening, beschikbaarheid en bereikbaarheid. Kan het

       college daar informatie over geven?

Antwoord:
Op maandag 22 oktober jl. is een gezamenlijk persbericht (van politie en gemeenten) uitgebracht over de verandering van de wijze van het doen van aangifte bij de politie. Door deze verandering kunnen agenten meer aanwezig zijn op straat.
De inhoud van het persbericht is door de burgemeester toegelicht in de vergadering van de Cie ABZ op 22 oktober jl.

3)    Hoe wordt de informatie door politie, beschikbaarheid en bereikbaarheid door de burger ervaren. Is dat bekend?
Antwoord:
Zoals ook de teamchef van de politie Zeeuws-Vlaanderen aangeeft, leren de ervaringen ons dat het publiek de politie goed weet te vinden en deze niet perse op het politiebureau wil ontmoeten. De politie blijft in de toekomst op vele manieren bereikbaar, aanwezig en zichtbaar. Wij hebben over de beschikbaarheid en bereikbaarheid van de politie geen klachten ontvangen.
Overigens blijkt uit de tweejaarlijkse Veiligheidsmonitor (monitor subjectieve veiligheidsbeleving inwoners) welke voor het laatst is gehouden in 2017 en afgezet tegen 2013 (start nationale politie) onder andere voor de gemeente Hulst het volgende:
Tevredenheid totale functioneren politie in buurt
In 2017 was 23,7% tevreden over het functioneren. In 2013 was dit nog 23,2%. Hierbij wordt wel opgemerkt dat het aandeel ‘kan dit niet beoordelen’ groter is geworden (41,6% tegen 36,8% in 2013).

Oordeel vertrouwen in de politie.

Verder zijn de cijfers voor het vertrouwen in de politie (in 2017 een 6,5 tegen een 6,1 in 2013) en wederkerigheid politie en burgers (in 2017 een 5,2 tegen een 5,0 in 2103) gestegen en voor communicatie politie en burgers (zowel in 2017 als in 2013 een 5,1) gelijk gebleven.

4)    Kan het college hier stukken, bevindingen over aanleveren. Indien niet bekend is het college bereid dit te onderzoeken?

Antwoord:
Wij kunnen u hierover op dit moment geen stukken of bevindingen aanleveren. De afspraak is gemaakt dat wij samen met de politie het komende jaar monitoren hoe de (nieuwe) afspraken over, onder andere, het doen van aangifte worden ervaren c.q. de ontvangst van eventuele klachten of vragen. Een en ander als onderdeel van het dienstverleningsconcept van de nationale politie.

5)    Wat is er effectief voor Zeeuws-Vlaanderen beschikbaar aan fte en meer specifiek voor Hulst?
Antwoord:
Zoals bekend heeft het Basisteam Zeeuws-Vlaanderen 140 fte aan operationele sterkte. Het is moeilijk om aan te geven wat er effectief beschikbaar is. Naast de eigen capaciteit van het basisteam is er in het district Zeeland een flexteam beschikbaar van 20 fte, waar ook Zeeuws-Vlaanderen een beroep op kan doen. Verder kan uiteraard in geval van ernstige incidenten of calamiteiten vrij snel worden opgeschaald met mensen vanuit andere basisteams of zelfs vanuit een ander district of landelijk.

6)    Hoeveel meer zijn agenten door de nieuwe dienstverlening voor de burger in de wijk beschikbaar?
Antwoord:
Er kan met name door het nieuwe concept effectiever en efficiënter worden gewerkt en gepland. Er moet niet telkens een collega achter blijven op het bureau om te ‘wachten’ tot er iemand aangifte komt doen. Het is moeilijk om precies aan te geven hoeveel meer agenten extra beschikbaar zijn in de wijk. Wij hopen dat door zo efficiënt mogelijk te werken de thans beschikbare wijkagenten ook echt en vaker ingezet kunnen worden voor ‘wijkdienst’.

7)    Hoe wordt de burger verder geïnformeerd en geïnstrueerd over de nieuwe dienstverlening?

Antwoord:
Veranderingen in de dienstverlening van de politie worden altijd besproken in de basisteam driehoek Zeeuws-Vlaanderen, waarin de burgemeesters van de drie
Zeeuws-Vlaamse burgemeesters zitting hebben, alsmede de teamchef van politie en de gebiedsofficier van justitie.
Eventuele communicatie boodschappen worden altijd met en tussen politie en de gemeente(n) afgestemd.
Kortheidshalve verwijzen wij ook naar het antwoord onder vraag 2. Gezamenlijke boodschappen worden ook gedeeld via Facebook en Twitter.

Hopende u voldoende te hebben geïnformeerd.

Hoogachtend,

Burgemeester en wethouders van de gemeente Hulst,

De secretaris,             De burgemeester,

Antwoorden_vragen_politie

Ron de Kort

Ron de Kort

Lid commissie ABZ / Plvv lid commissie Middelen Voor vragen of contact: ron@rondekort.nl / 06-81166808 (ook WhatsApp) Samen werken Meer dan ooit doet het er toe wie er straks beslissingen neemt in onze gemeente. Als geboren Snissenaer en al vele jaren woonachtig in Vogelwaarde, wil ik daarom meedenken en meebeslissen, me sterk maken om alle

Meer over Ron de Kort